Kansen voor kinderen

Midden jaren tachtig sta ik op een avond alleen op station Delfzijl-West. Het is koud, miezerig en ik ben een beetje moe. In de verte kan ik de trein op station Delfzijl zien staan. Het perron is verlaten, op wat opwaaiende kranten na. Een leeg blikje bier laat zich wiegen door de harde wind. Ik ruik een lucht die ik niet thuis kan brengen. In deze hoek ben je onbewust altijd alert op rare geuren vanwege de alom aanwezige chemische industrie. Maar het kan ook een verdwaalde hond zijn geweest, die met een schuin oog op de aanstormende trein een poot omhoog tilde tegen de verroeste staanders van de wachtruimte, waarvan geen ruit heel is.

Ook interessant om te lezen:

Inloggen


Sluit venster