Fryslân investeert in een stevige sociale infrastructuur

Op een van de heetste dagen van deze Friese zomer ging het verhitte debat in Provinciale Staten over
30 miljoen euro. Een bedrag dat we normaal gesproken verbinden aan grote ruimtelijke en
infrastructurele vraagstukken. Maar nu ging het niet over een nieuwe brug of een provinciale weg, maar
over sociale infrastructuur: over lezen, schrijven en digitale vaardigheden. Over de vraag of Fryslân
bereid is zo stevig te investeren in de basisvaardigheden van zijn inwoners. Alleen dat al is bijzonder.
We vinden het vanzelfsprekend dat bruggen onderhoud nodig hebben en wegen moeten worden
vernieuwd. Daar trekken we zonder aarzelen miljoenen voor uit. Maar ook mensen hebben een
gedegen en betrouwbare infrastructuur nodig om zich te ontwikkelen, mee te doen en regie te houden
over hun leven. Precies daarin durft Fryslân nu te investeren.

Lezen, schrijven, rekenen en digitaal je weg kunnen vinden, worden vaak gezien als individuele
vaardigheden. Maar onvoldoende basisvaardigheden werken door in bijna ieder deel van het leven: van
een brief van de gemeente en een bijsluiter tot werk, je kind voorlezen en deelnemen aan onze
democratie. Investeren in basisvaardigheden is daarom geen investering in één beleidsterrein. Het is
investeren in gezondheid, bestaanszekerheid, kansengelijkheid, participatie, economie én democratie.
Het is sociale infrastructuur in de meest wezenlijke betekenis van het woord.

Fryslân in de top 3 van laaggeletterdheid

Dat Fryslân juist nu deze stap wil zetten, is niet toevallig. Onze provincie behoort tot de drie provincies
met het hoogste aandeel inwoners dat moeite heeft met lezen en schrijven. Naar schatting gaat het 1
op de 7 volwassenen. Bovendien verlaat één op de drie Friese jongeren het voortgezet onderwijs
zonder voldoende leesvaardigheid. Achter die cijfers gaan mensen schuil: kinderen die met een
taalachterstand aan school beginnen, jongeren die informatie moeilijk op waarde kunnen schatten en
volwassenen die formulieren of digitale dienstverlening vermijden. Beperkte basisvaardigheden
verkleinen kansen en worden vaak van generatie op generatie doorgegeven.

Misschien is het niet zo vreemd dat juist Fryslân deze stap durft te zetten. Taal is hier nooit alleen een
praktisch hulpmiddel geweest. De Friese taal en je thuistaal raken aan cultuur, identiteit,
verbondenheid en het gevoel ergens thuis te horen. Taal wordt hier met hart en ziel gevoeld en ervaren.
Taal doet ertoe. Meertaligheid kan daarom een krachtige drager zijn. Niet beginnen bij wat mensen niet
kunnen, maar bij de taal, kennis en ervaring die zij meebrengen. Leren moet geen etiket van
achterstand krijgen, maar een normaal onderdeel zijn van het leven. Dat is ook de kracht van het Fries
Leesoffensief: onderwijs, gemeenten, bibliotheken, zorg, werkgevers, maatschappelijke organisaties
en inwoners doen het samen.

Een belangrijk besluit in Provinciale Staten

Provinciale Staten hebben de kadernota aangenomen. Daarmee is € 7,15 miljoen voor de eerste fase
gereserveerd en, onder voorbehoud, € 21,5 miljoen voor 2029 tot en met 2031. Voor de
begrotingsbehandeling van 2027 moet het college de aanpak nog verder uitwerken. Maar de richting is
bepaald: basisvaardigheden zijn geen tijdelijk sociaal project aan de rand van het beleid, maar een
voorwaarde voor brede welvaart en een weerbare mienskip. De ambitie van Basisvaardig Fryslân 2036
is groot: over tien jaar is minimaal 90% van de Friezen tussen 16 en 76 jaar voldoende basisvaardig en
gaan kinderen zonder taalachterstand naar de basisschool. Daarvoor is een provinciaal dekkend
basisaanbod nodig, zodat kansen niet afhangen van de gemeente of het dorp waarin iemand woont.
Preventie en ondersteuning moeten daarbij veel sterker worden verbonden.

Tussen het voorkomen van achterstanden bij kinderen en de ondersteuning van volwassenen staat
vaak hetzelfde gezin. Wie de cyclus wil doorbreken, moet vroeg beginnen én ouders meenemen,
zonder hun een etiket te geven en door aan te sluiten bij wat zij belangrijk vinden. Dat betekent
investeren in de eerste levensjaren en in een taalrijke omgeving thuis, op de kinderopvang en op
school. Het betekent ook dat we leren dichter bij het dagelijks leven brengen: in dorpshuizen,
wijkcentra en op de werkvloer.

De bibliotheek als vaste waarde

De bibliotheek heeft daarin een bijzondere rol. Zij is een vrije, laagdrempelige publieke plek in steden,
wijken en dorpen, waar mensen binnenkomen zonder dat ze er iets moeten. Een plek waar je gewoon
gratis kunt zijn en je kunt omringen met anderen, kennis, inspiratie en mooie boeken en verhalen.
Bibliotheken bereiken jonge kinderen en ouders via BoekStart, werken met scholen via de Bibliotheek
op school en ondersteunen volwassenen bij taal en digitale vaardigheden. Ook verbinden zij
professionals en inwoners en bouwen zij met partners aan lokale netwerken. Basisvaardig Fryslân kiest
voor bewezen programma's én langdurig lokaal communitywerk. Voor een gemeenschappelijke basis
met ruimte voor lokale verschillen, bekende gezichten die vertrouwen opbouwen en monitoring die
verder kijkt dan taaltoetsen. Vooruitgang zit ook in zelfvertrouwen, gezondheid, participatie en grip op
het eigen leven.

De investering loopt tot en met 2031. Het gaat voorlopig om tijdelijke middelen voor een periode van
ongeveer vijf jaar, bedoeld om het aanbod en lokale netwerken te versterken en te leren wat werkelijk
verschil maakt. Toch mag 2031 geen eindpunt worden. Een sociale infrastructuur bouw je niet op om
haar vijf jaar later weer af te breken. Werkende aanpakken moeten onderdeel worden van regulier
beleid en van de werkwijze van gemeenten, bibliotheken, onderwijs, zorg, werkgevers en
maatschappelijke organisaties. Of dat nu met andere middelen gebeurt of door de aanpak te
verankeren in bestaande programma's: duurzaamheid moet vanaf het begin de inzet zijn. Maar
resultaten op dit terrein laten zich niet altijd vangen in snelle scores of jaarcijfers. Soms zie je de echte
opbrengst in een ouder die voor het eerst met vertrouwen voorleest. In iemand die zelf een digitale
aanvraag kan doen. In een jongere die informatie beter leert beoordelen. Of in een inwoner die weer
durft mee te praten.

Bruggen en wegen verbinden plekken. Een sterke sociale infrastructuur verbindt mensen met kansen,
met elkaar en met de samenleving. Fryslân laat zien dat ook die infrastructuur een
miljoeneninvestering waard is. Nu is het aan ons allemaal om ervoor te zorgen dat deze moedige keuze
uitgroeit tot een duurzame beweging.

Rixt Heegsma is directeur-bestuurder van Bibliotheken Mar en Fean.

Ook interessant om te lezen:

Er zijn geen berichten gevonden

Inloggen


Sluit venster